BLOG

07/01

Dorst en klaprozen

Ik ben al een maand in Gaza. Er zijn dingen die ik ondertussen helemaal gewoon ben, zoals de hoeveelheden thee en koffie die hier op een dag gedronken worden, het falafel-ontbijt rond 11u, Mohammed die me elke morgen belt om te vragen waar ik naartoe ga, het dragen van lange broeken en ongedecolleteerde bovenkleding, de mannen die mijn hand niet schudden als ik die uit pure gewoonte uitsteek, de pitabroodjes in plaats van boterhammen. Ik word zelfs niet meer elke ochtend wakker van het vijfuur-gezang van de Imam.

Ik ben al een maand in Gaza. Er zijn dingen die ik ondertussen helemaal gewoon ben, zoals de hoeveelheden thee en koffie die hier op een dag gedronken worden, het falafel-ontbijt rond 11u, Mohammed die me elke morgen belt om te vragen waar ik naartoe ga, het dragen van lange broeken en ongedecolleteerde bovenkleding, de mannen die mijn hand niet schudden als ik die uit pure gewoonte uitsteek, de pitabroodjes in plaats van boterhammen. Ik word zelfs niet meer elke ochtend wakker van het vijfuur-gezang van de Imam. Andere dingen wennen maar niet. Het kraantjeswater is er één van. Het is bruinig, plakkerig, zout en ongeschikt voor zowat alles. Ik was er mijn keukengerei, mijn kleren en vooral mezelf hoegenaamd niet graag mee. Op mijn eerste avond hier zette ik er onwetend een theetje van, niet te drinken uiteraard. Ik beeld mij al dromend in hoe ik bij aankomst in België recht op de kraan af zal gaan om een groot glas van dat zalig zacht water van bij ons achterover te slaan. Ik realiseer mij nu pas ten volle wat een onvoorstelbare luxe drinkbaar kraanwater is. Hier moet ik constant met flessen mineraalwater zeulen, maar dat is nog het minste.

 

 Voor de watervoorraden in Gaza is het vijf na twaalf. De enige bron van water, de ondiepe watervoerende grondlaag, is voor een groot deel onomkeerbaar vervuild. 90% van het grondwater is momenteel ondrinkbaar. Aanvoer van nieuw water is er alleen in de winter wanneer het regent vanuit de Hebronheuvels. Er is elk jaar 150 MCM (miljoen kubieke meter) nodig om in de behoeftes van de bevolking te voorzien, maar er komt slechts 50 MCM vers water bij. Daardoor wordt zeewater in de uitgeputte grondwaterlaag getrokken. Israel draagt zijn steen bij tot de drooglegging van Gaza door net over de grens grote hoeveelheden water op te pompen uit diezelfde grondlaag. Rioolwater en water met meststoffen van akkers lekken ook mee in het waterreservoir. De infrastructuur voor rioolwaterzuivering kan slechts 25% van het vuile water zuiveren voor hergebruik in de landbouw. De rest gaat zo de zee in. Noodzakelijk bouwmateriaal voor zuivering van riool- en zeewater wordt maar mondjesmaat door de blokkade gelaten ondanks onderhandelingen tussen UNDP en Israël. Tijdens de twee recente oorlogen op Gaza werd er ernstige schade aan de waterinfrastructuur toegebracht. Als er niet snel stevig geïnvesteerd wordt in alternatieve watervoorziening, stevent de bevolking van Gaza tegen 2016 op een totale catastrofe af. (1,2)

 

 Bijna alle gezinnen hebben een waterreservoir op hun dak gevuld met grondwater, maar voor drinkwater zijn ze aangewezen op de tankwagens die zich elke dag een weg banen door de smalle straatjes. Taxichauffeurs vinden het een hel om achter zo'n tank klem te zitten. Moeders krijgen in de gezondheidscentra de boodschap borstvoeding te geven, wat de grote meerderheid ook doet. Flesjes melk klaarmaken met ongefilterd water kan leiden tot het “blue baby syndrome”, doordat het zuurstoftransport in het bloed verstoord wordt door de nitraten. Gelukkig komt dit nu bijna niet meer voor.

 

 Nog iets waar ik niet aan wen zijn de alomtegenwoordige doden. De patiënte die vier maand na de plaatsing haar spiraaltje alweer kwam laten verwijderen en waar onze verpleegster lachend tegen zei: “Heb je je bedacht, willen jullie toch nog een kindje?”. Haar echtgenoot kwam een maand geleden om bij een bombardement. De oudere broer van Samar, vrijwilligster in Beit Hanoun, die in de maanden voor de oorlog van 2008 samen met twee vrienden werd neergeschoten. De drie waren op weg naar een boerderijtje net buiten het dorp om de barbecue aan te steken voor een groep jongeren. Ze werden ervan verdacht verzetsstrijders te zijn en dus genadeloos onder vuur genomen. De drie buurjongens van Al-Qods, in november onder het dak van de getroffen moskee bedolven. Beit Hanoun ligt als grensdorp constant onder vuur, je kan er niet zomaar buiten de bebouwde zones rondwandelen. Boeren riskeren beschoten te worden als ze naar hun velden gaan. De grenzen van de “no go”-zone zijn voor interpretatie van de schutter van dienst vatbaar. “De onvoorspelbaarheid en de constante druk van de bezetting maakt de mensen hier gek”, zegt de moeder van Samar. Ze werkt als psychologe in een openbaar centrum voor geestelijke gezondheidszorg niet ver van ons Al-Qods. Beit Hanoun, letterlijk “land van de klaprozen”, zou eigenlijk een weelderig landbouwdorp tegen de groene heuvels moeten zijn.

 

 “Onze zonsondergang in de winter is de mooiste ter wereld”, zegt Jehan wanneer we aan de kust koffie drinken. De zon is inderdaad prachtig, langzaam in de zee zakkend, gloeiend rood. Dina, mijn lerares gesproken Arabisch, leert mij trots het Palestijns dialect. Mijn vooruitgang is voorlopig eerder bescheiden, maar ik doe mijn best. Ze zegt er altijd bij hoe het moet in standaard Arabisch, om snel weer te vergeten. Vaderlandsliefde kruipt waar ze niet gaan kan.

 

1) UN report, Gaza in 2020 , A liveable place?, aug 2012

2) UNDP report, One year after, mei 2010

 

5259 keer gelezen