BLOG

19/03

An evening in Beach Camp

Ik schrijf vanavond van tussen de restanten van mijn dertigste verjaardagsfeest: overal cakekruimels, een plakkende vloer van de gemorste frisdrank en ondanks de open ramen hangt er nog sigarettenrook. Zonet was mijn appartement het decor van een gezellige bijeenkomst van mijn Gazaanse vrienden, een divers gezelschap uit Beit Hanoun, Jabalya en Gaza stad.

Ik schrijf vanavond van tussen de restanten van mijn dertigste verjaardagsfeest: overal cakekruimels, een plakkende vloer van de gemorste frisdrank en ondanks de open ramen hangt er nog sigarettenrook. Zonet was mijn appartement het decor van een gezellige bijeenkomst van mijn Gazaanse vrienden, een divers gezelschap uit Beit Hanoun, Jabalya en Gaza stad. Ik had naar goede Belgische traditie een grote koekjestaart gemaakt, tevens de enige taart-optie in een keuken zonder oven. 's Middags was er al feest in Al-Qods centrum. Een lange tafel in de wachtzaal werd volgetoverd met cake en frisdrank en het ganse team was uitzonderlijk uitgelaten. Ik werd bedolven onder de kussen, cadeautjes en gsm-foto's. Op het feestje 's avonds bij mij thuis werd er gedanst, gezongen en naar goede Palestijnse gewoonte luidkeels gediscussieerd. De volgens mij ter plekke uitgevonden traditie schreef voor dat de dertigjarige met gesloten ogen de taart aansnijdt en daarbij een wens doet voor de komende dertig jaar. Bij het licht van de kaarsjes op de taart, onder het zingen van lokale verjaardagsliedjes, wenste ik vurig terug te mogen keren in een vrij Palestina bij dezelfde mij mensen die mij ondertussen nauw aan het hart liggen.

 

 De eerste vleugjes nostalgie duiken al op. Binnen drie weken keer ik terug naar België. Ik zal de geweldige mensen die ik hier ontmoet heb ongetwijfeld missen. Het geeft je altijd een dubbel gevoel om voor een korte tijd in een totaal verschillend, buitenlands systeem te werken. Net als je alles gewoon bent en de nieuwe ideeën om je werk beter te doen volop beginnen opborrelen, geraakt je tijd op en moet je weer je valiezen pakken. Ik heb geen zin in het afscheid, dus schuif ik het nog even voor mij uit. Langs de andere kant kijk er naar uit om weer gewoon thuis te zijn, dicht bij mijn lief, familie en vrienden. En ik sta te popelen om weer vol energie in Molenbeek aan de slag te gaan. Elke gesprekspartner vraagt mij natuurlijk wat ik van Gaza vind. Ik antwoord dat ik dankbaar ben hier te mogen zijn. Ik leer ongelooflijk veel van de rijke cultuur en geschiedenis van Palestina. Ondanks de vreselijke bezetting en de dagelijkse problemen die soms onoverkomelijk lijken, koesteren de meeste mensen hier een diepe liefde voor hun land en het leven. De moed waarmee al die families, getekend door gemis van doden of gevangenen, doorzetten en de warme gastvrijheid die ze mij geven zijn ontroerend. Gaza, complex en divers strookje land aan de Middellandse zee verwerft terecht een speciale plaats in mijn hart.

 

 De blokkade en de moeilijke provisie van goederen via de tunnels aan de Egyptische grens zijn deze dagen voelbaar. Diesel en gas om op te koken zijn schaars geworden. Mijn taxichauffeur Mohammed moest gisteren anderhalf uur aanschuiven bij de pomp om zijn tank maar halfvol te kunnen doen. De elektriciteitsonderbrekingen zijn rijkelijk lang en er wordt hier en daar bespaard op brandstof voor de generatoren, zodat Gaza 's avonds nog iets donkerder is dan gewoonlijk.

Vorige week was ik in Al Zawaida, in het midden van de Gazastrook. Er is daar een prachtige archeologische site, het St-Helarion klooster van 400 na Christus. De enthousiaste historicus Ahmad geeft mij in vloeiend Frans een rondleiding langs de vruchten van het werk van zijn team: de kerk met doopbaden, gerestaureerde mozaïekvloeren, het badhuis met intacte waterleiding en forellenkwekerij. Er zitten nog meer schatten onder de grond, maar helaas heeft de regering niet veel geld over voor archeologie in deze tijden. Dus is het wachten op fondsen van Unesco en de Europese gemeenschap, maar Gaza staat niet hoog genoteerd op de prioriteitenlijst. Momenteel kunnen ze zich met moeite het onderhoud van de site veroorloven. “Toch vreemd dat er in de wereld altijd genoeg geld is om oorlog te voeren, maar niet voor belangrijk archeologisch werk als dit.” laat Ahmad zich terecht ontvallen. Of zelfs geld om deftige gezondheidszorg en onderwijs te organiseren voor iedereen, denk ik erbij. Al is er geen cent, Ahmad zal er elke dag op toezien dat geen grassprietje de kans krijgt om over zijn mooie mozaïeken te groeien.

 

 Dina past de laatste weken een nieuwe vorm van lesgeven toe, de praktische gesprekstraining. Ze nam mij al mee naar haar grootvader, een grappige tachtigjarige, die graag in Arabische poëzie spreekt. Een ware uitdaging voor een beginneling. Na een gezellige conversatie slaagde hij er in om een scheerbeurt van mij los te krijgen. Een wapenfeit waar hij nadien glunderend bij al zijn zoons over opschepte. Of hij ook, zoals met fonkelende pretoogjes geopperd, zal meereizen naar België in mijn koffer, zullen we nog zien. Gisteren gaf ze mij een geleide wandeling door Beach Camp, het vluchtelingenkamp in het noorden van Gaza-stad dat zoals zijn naam doet vermoeden aan de zee ligt. Dina werd er geboren en woonde er tot haar twaalf jaar. In de avondzon wandelen we over de markt en door de smalle straatjes, uiteraard op een afstandje gevolgd door een roedel nieuwsgierige kinderen. “Vroeger renden we met alle neven en nichten eindeloos rond door heel het kamp, en in de zomer deden we niets dan zwemmen en spelen aan het strand.” Dina's prachtige lichtbruine ogen kijken weemoedig naar de kinderen, die telkens wij even stoppen onbeweeglijk blijven staan. “Het is hier viezer en nog meer overbevolkt dan vroeger, of misschien lijkt dat alleen zo omdat ik nu ouder ben.” We komen aan bij het huis van haar tante en nonkel, waar we op het dak bij een heerlijke zeebries theedrinken. Noor, de tweede dochter van het gezin, zit in het laatste jaar van de middelbare school en wil graag geneeskunde studeren. In perfect Engels hoort ze mij zorgvuldig uit over mijn werk als dokter. Zoals tijdens verschillende bezoeken bij mensen thuis worden na een tijdje oude familiefoto's bovengehaald. Het trouwfeest van moeder en vader, en de tijd kort na hun huwelijk begin jaren '80. Vrouwen met knielange rokken en mouwloze bloezen, die met wapperende zwarte haren rondspringen in de branding of op een ezel rijden. Is dit werkelijk dezelfde Gazastrook? Wat dertig jaar geleden normaal was, is vandaag volslagen ondenkbaar.

 

 Ik durf vaak niet goed nadenken over wat de volgende stap is in de toekomst van Gaza en Palestina. En ik heb de indruk dat veel mensen dat gevoel delen. Er moet hier iets veranderen. Het is gewoon niet mogelijk de mensen in dit overbevolkt gebied nog veel langer arm en zonder persoonlijke vrijheid te laten leven, daar komen vroeg of laat vodden van...

5009 keer gelezen