BLOG

05/03

Mijn eerste werkdag als vrijwilliger in Ecuador!

Op mijn eerste werkdag als vrijwilliger kreeg ik al meteen de kans verschillende mensen te ontmoeten. Niet alleen ontmoette ik Jorge en Silvana van de ploeg ComunicandoNOS, maar ook de groep vrijwilligers van YASunidos, en de voorzitster van de Frente Popular van Cuenca. Daarnaast kon ik ook een vergadering bijwonen van de voorzitters van de verschillende belangenorganisaties in Cuenca, die samenkwamen om de stand van zaken te bespreken met betrekking tot het ophalen van handtekeningen voor de bescherming van het natuurgebied Yasuni tegen de geplande petroleumexploitaties die de overheid wil uitvoeren. Het was enorm boeiend!

 Ontmoeting met het equipo ComunicandoNOS.

ComunicandoNOS is de organisatie waarbij ik de komende maanden als vrijwilliger zal werken. Hun werk bestaat vooral uit het ondersteunen van andere sociale organisaties door voor deze organisaties de communicatie rond hun activiteiten te verzorgen. Op dit moment werken zij vooral samen met het collectief YASunidos en een organisatie die instaat voor de verdediging van de belangen van de inheemse bevolking van Ecuador, Ecuarunari genaamd. Daarnaast zijn zij ook heel erg actief rond het probleem van de criminalisering van activisten en sociale bewegingen.

Ik zal hun werk dus op twee vlakken bijstaan:

1)      Enerzijds zal ik het collectief van de YASunidos ondersteunen waar nodig;

2)      En anderzijds zal ik helpen met het archiveren van de activiteiten van verschillende sociale organisaties waarmee ComunicandoNOS samenwerkt, en informatie verzamelen rond de problematiek van de criminalisering van deze activisten. In het kader van dit werk zal ik vooral samenwerken met Ecuarunari.

Ontmoeting met de mensen van Yasunidos

Yasuní is een beschermd natuurgebied in het amazonewoud. Of dat was het toch tot voor kort. In augustus 2013 kondigde de president aan een deel van het natuurgebied open te zullen stellen voor petroleumontginning. De mijnbouw in dit natuurgebied zou niet alleen gigantische ecologische gevolgen hebben voor de plaatselijke flora en fauna, maar ook de lokale inheemse bevolking zou hiervan zeer nefaste gevolgen ondervinden. Hun traditionele manier van leven in het Amazonegebied wordt direct in gevaar gebracht door de mijnen, doordat ze van hun gronden verjaagd worden, of door de verontreiniging van de natuur die de exploitatie tot gevolg heeft. Dit kan leiden tot het verloren gaan van hun cultuur doordat ze gedwongen worden zich aan de nieuwe situatie aan te passen of genoodzaakt worden hun leefgebied te verlaten en in andere dorpen of steden te gaan wonen, waar ze terecht komen in de armoede en de miserie. Bovendien zijn deze mensen vaak niet bereid zomaar hun land te verlaten, wat kan leiden tot gewelddadige conflicten (doordat zij hun territorium met hand en tand willen verdedigen) met de multinationals, de mijnwerkers of met naburige gemeenschappen. 

Naar aanleiding van de aankondiging in augustus, is de organisatie YASunidos in het leven geroepen (de naam is een samensmelting van ‘Yasuni’ en ‘unidos’). Deze organisatie bestaat uit een groep vrijwilligers van vooral jonge werkenden en studenten en zij werken samen met verschillende andere sociale organisaties rond dit thema. Sinds enkele maanden zijn ze begonnen met het verzamelen van handtekeningen om een referendum aan te vragen. Zij eisen van de overheid dat deze een volksraadpleging houdt, zodat de bevolking zich zou kunnen uitspreken over het al dan niet uitvoeren van de exploitatie. Met verenigde krachten hebben de verschillende organisaties ondertussen al ongeveer 500 000 handtekeningen kunnen verzamelen van de nodige 600 000. Er rest hen nog een maand om de overige 100 000 handtekeningen te verzamelen. Ze zijn hier momenteel dagelijks mee bezig, elke weekdag én in het weekend zijn er vrijwilligers die van 10u tot 18u rondgaan voor handtekeningen. En dit nog een hele maand lang! Ze doen dit niet enkel in Cuenca maar ook in de andere grote steden in Ecuador, zoals Guayaquil en Quito. De vrijwilligers verplaatsen zich ook naar kleinere steden en dorpen om daar handtekeningen te verzamelen. Veel werk, en niet altijd gemakkelijk om de mensen te overtuigen, maar ze zijn hoopvol om het benodigde aantal handtekeningen te verzamelen.

De overheid doet er echter alles aan om het hen zo moeilijk mogelijk te maken. Enerzijds zijn er zeer strikte criteria waaraan de formulieren moeten voldoen. Handtekeningen die nog maar een heel klein stukje buiten het voorziene kadertje uitkomen zijn ongeldig, evenals de handtekening erboven en eronder. Alles moet met eenzelfde balpen geschreven worden, en in het blauw. Ook mogen de formulieren niet vuil zijn, anders zijn ze ook ongeldig. Naast deze criteria probeert de overheid ook zo goed en zo kwaad als ze kunnen mensen te ontmoedigen om de petitie te ondertekenen. Sommige mensen durven de petitie niet te ondertekenen uit angst voor repercussies.

En zelfs als ze de benodigde aantal handtekeningen halen, blijft het nog de vraag hoe de overheid hierop zal reageren.

Belangrijk is ook dat deze beweging niet louter een aanklacht is tegen de exploitatie van dit specifieke natuurgebied en het ondemocratische karakter van deze beslissing door de overheid, maar het is ook een aanklacht en een diepgaande kritiek op het ‘extractieve’ economische model waar Ecuador, haar bevolking en haar natuur het slachtoffer van is. Yasuní is namelijk niet het enige natuurgebied in Ecuador waar de overheid aan mijnbouw wilt doen, integendeel, het ‘extractieve’ economische ontwikkelingsmodel dat de overheid volgt leid ertoe dat alle mogelijke plaatsen waar er ook maar iets waardevol in de grond zit eraan moeten geloven. Zelfs al leid dit tot gigantische ontbossingen, verontreiniging van de natuur of de verwoesting van belangrijke heilige plaatsen van de inheemse bevolking. De reactie van de bevolking op de exploitatie van Yasuní symboliseert aldus een veel grotere aanklacht.  Het is een aanklacht tegen een ontwikkelingsmodel dat enkel gebaseerd is op de exploitatie van de natuurlijke rijkdommen. Volgens de overheid zal de exploitatie van haar grondstoffen veel rijkdom en voorspoed brengen voor de hele bevolking. Maar de YASunidos beweging gelooft hier niet in. Petroleumexploitatie zal het armoedeprobleem volgens hen niet oplossen, integendeel; de geschiedenis wijst net uit dat daar waar er sprake is van mijnbouw er een toename is van armoede en bestaansonzekerheid. De activisten van YASunidos hebben de berekening gemaakt: wanneer men de belastingen van de 10 grootste bedrijven van het land met 1,5% zou verhogen, zou dit meer inkomsten genereren dan met de exploitatie van het natuurgebied!

Wat mijn inbreng hieromtrent betreft en hoe ik hen het beste kan bijstaan, wordt nog een beetje zoeken. Alvast hebben ze mij gevraagd of ik hun activiteiten zou kunnen documenteren door foto’s en filmpjes te maken van wat ze allemaal aan het doen zijn, en die info dan te verspreiden via de sociale media.

Bezoek aan de vrijwilligers op het Parque Abdon Calderon

Op het centrale park van Cuenca stonden vandaag een zestal vrijwilligers om handtekeningen te verzamelen. Zij stonden daar al van 10u s’morgens en hebben er de hele dag gestaan tot 17u s’avonds. Waauw, lang, dacht ik. Echter was ik nog veel meer verbaasd toen ze mij vertelden dat ze dit al een drie tal weken aan een stuk aan het doen waren, zo goed als elke dag handtekeningen verzamelend, en dat ze dit nog een viertal weken langer zouden aanhouden! Weken aan een stuk, praktisch elke dag van s’morgens tot s’avonds op de been! Ongelofelijk! Wat een doorzettingsvermogen! Wat een zelfopoffering. Het zijn vooral jonge mensen tussen de twintig en de dertig jaar, studenten, net afgestudeerden, werklozen. Ze staan er dag in dag uit, in zon en regen. Om rechtvaardigheid te eisen.

Ontmoeting met de Frente Popular

Tegen 16u30 had Jorge (van ComunicandoNOS) voor mij een afspraak geregeld met een meisje van de Frente Popular. Een nationale overkoepelende organisatie voor verschillende belangengroepen. De vrouwenorganisatie CONFEMEC, de organisatie van de onderwijzers, de universitaire studentenorganisatie, de studentenorganisatie van het middelbare onderwijs, de organisatie van de (kleine) ondernemers, de boerenorganisatie en de werknemersorganisatie (UGT) maken allen deel uit van de Frente Popular. Het meisje waarmee ik een afspraak had heet Fernanda en is vijfdejaars rechtenstudente, bovendien is ze voorzitster van de Frente Popular voor het district Asuay. De Frente Popular bestaat uit de voorzitters van de bovengenoemde organisaties en komt regelmatig samen om over verschillende thema’s te discussiëren. Fernanda vertelde mij dat zij zich momenteel erg verzetten tegen de politiek van de overheid. Zo zijn ook zij heel erg in de weer voor de bescherming van het natuurreservaat Yasuní en het verzamelen van handtekeningen voor het houden van een volksraadpleging met betrekking tot de petroleumexploitatie in het natuurgebied. Wanneer de overheid haar plannen bekend maakte hebben ze meteen een spoedbijeenkomst gehouden met de Frente Popular om de zaak te bespreken, hierbij heeft iedere deelorganisatie zich tegen de exploitatie uitgesproken. Zo heeft elke organisatie zich ertoe verbonden een bepaald aantal handtekeningen op te halen binnen zijn kringen. Ook vertelde ze mij over een aantal andere wetten dat de president heeft doorgevoerd, die alles behalve ‘progressief’ te noemen zijn, dit terwijl hij toch dit beeld uitdraagt naar de buitenwereld. Hij heeft er bijvoorbeeld voor gezorgd dat er voor elke universitaire studierichting ingangsexamens zijn. Deze examens zijn erg moeilijk, en enkel mensen met voldoende geld kunnen het zich permitteren om privélessen te krijgen ter voorbereiding van deze ingangsexamens. Bovendien mag elke jongere maar twee keer aan zo een ingangsexamen meedoen, als je de tweede keer faalt mag je je droom om verder te studeren voorgoed opgeven… Maar daar blijft het niet bij. Naast deze ingangsexamens voerde Correa ook zogenaamde “uitgangsexamens” in. Wanneer een student zijn studiecarrière achter de rug heeft moet deze zich bewijzen in een finaal examen waarbij alle leerstof van de hele voorbije studiecarrière bevraagd wordt. Faal je voor dit examen, krijg je geen diploma. Volgens Fernanda voerde Correa dit in om het aantal hoog opgeleiden te beperken. Ecuador heeft veel nood aan laaggeschoolde arbeiders, om te gaan werken in de mijnen. Hoe groter de groep ongeschoolde arbeiders, hoe meer vraag naar werk, hoe lager de lonen kunnen gehouden worden. En dit voor een socialistische president? Waanzinnig!

Omwille van deze redenen, vertelde zij mij, verzetten zij zich tegen de politiek van de overheid. Bovendien is er een enorme criminalisering van de sociale organisaties. Verschillende mensen die in de Frente Popular hebben gezeten zijn al beschuldigd van terrorisme en veroordeeld tot een gevangenisstraf. Hun nationale voorzitster is een tijdje geleden nog aangevallen en zwart gemaakt door de overheid.

Heel veel bijgeleerd dus op deze eerste werkdag! Ik hoop mij de komende maanden in al deze info (en nog veel meer ;)) te kunnen verdiepen om een completer beeld te krijgen van de situatie hier in Ecuador. Alleszinds een supper interessante en motiverende start! Adelante!

5978 keer gelezen